Twee Ieren, een Brit en een heilige berg in Limburg

Wie had dat gedacht. Midden in Limburg, in het dorp Sint Odiliënberg, worden twee Ierse heiligen plus hun Angelsaksische metgezel vereerd. Na een voettocht richting Rome blijft het ‘Keltische’ drietal op de terugweg in de streek onder Roermond ‘plakken’. Daar wordt hun gedachtenis op 8 mei liturgisch gevierd.

heiligen Limburg
Wiro, Plechelmus en Otgerus in Sint Odiliënberg (foto: Annemarie Latour)

Basiliek op de berg

Wie in Sint Odiliënberg komt, kan er niet omheen. De ‘berg’ ligt feitelijk als kleine heuvel aan de oever van het riviertje de Roer en steekt prominent boven het kerkplein uit. Bovenop de heuvel prijkt een basiliek met twee torens. Dat je hier niet voor de gemiddelde Limburgse dorpskerk staat, is meteen duidelijk.

Maar wat is het dan wel? Een bordje onderaan de heuvel biedt duidelijkheid. Dit is de plek waar lang geleden de drie heiligen van Midden-Limburg vertoefden: de Ierse monniken Wiro en Plechelmus plus de Angelsaksische diaken Otgerus.

Vreemd genoeg doen de namen van de Ieren niet Iers aan. Er is dan ook lang over gesteggeld of ze uit Ierland, Schotland of Saksisch Engeland kwamen. Vooralsnog is de strijd beslecht ten voordele van de Ieren, omdat in Wiro’s oudste heiligenleven de naam ‘Scotia’ wordt genoemd. Deze naam werd voor het oude Ierland gebruikt, lang voordat het betrekking kreeg op Schotland.

heiligen Limburg
Basiliek van Sint Odiliënberg (foto: Annemarie Latour)

Onderweg naar Rome

Laten we er dus vanuit gaan dat Wiro en Plechelmus inderdaad vanuit Ierland via de Britse eilanden naar het Europese vasteland zijn overgestoken. Het kan zijn dat Plechelmus al een tijdje onder de Britten verbleef, want het oudste verslag van zijn leven vermeldt dat hij in een klooster in Northumbria vertoefde.

Onderweg naar Rome, sluit Otgerus zich bij het Ierse tweetal aan. In Rome hopen Wiro en Plechelmus toestemming van de paus te krijgen om als bisschop-missionaris aan de slag te mogen gaan. Het is niet duidelijk of het Ierse tweetal al bisschop is voordat ze naar Rome reizen of dat ze ter plekke door de paus tot bisschop worden gewijd. Hoe dan ook, met de pauselijke goedkeuring op zak keert het drietal rond het jaar 700 terug naar het noorden.

Blijven plakken in het Roerdal

Hier begint het avontuur. Om onduidelijke redenen besluiten de mannen om niet meer terug te gaan naar de Britse eilanden. In plaats daarvan strijken ze neer in het dal van de rivier de Roer. Hier vraagt het drietal toestemming aan de heerser van het gebied, Pepijn II van Herstal, om een kerkje te mogen stichten op de huidige kerkheuvel van Sint Odiliënberg.

Die toestemming krijgen ze. Bovenop de heuvel, die ze de naam Pietersberg geven, bouwt het drietal een klein klooster van waaruit ze het omliggende gebied kerstenen. De mannen werken hard en het missiewerk vordert gestaag. Ze reizen van hot naar her, want het missiegebied loopt helemaal tot aan Overijssel. Zo komt het dat Wiro – en niet Willibrord – tot in de Middeleeuwen de patroonheilige van het bisdom Utrecht was.

De drie heilige mannen op de kleine berg maken bovendien indruk tot in de hoogste kringen. De biograaf van Plechelmus schrijft bijvoorbeeld (in een smakelijke oude vertaling): “De Vorst droeg hem eene zoo groote vereering toe, dat hij jaarlijks, bij het begin van den Vaste, zijn paleis verliet, en zich barvoets en van het vorstelijk purper ontdaan, naar gemelde plaats, waar de Heilige woonde, begaf; …. daar beleed hij aan den hoogepriester des Heeren zijne zonden, volbracht de opgelegde boete en beweende zijne misslagen.”

Verering binnen en buiten Limburg

Toch duurt voor dit heilige drietal het leven niet eeuwig. Wiro sterft op 8 mei in het jaar 710 en zijn twee metgezellen volgen hem zo’n drie jaar later. De drie worden begraven in het Limburgse klooster dat hun thuis is geworden en dat klooster stond, zoals gezegd, boven op de berg in het huidige Sint Odiliënberg.

Ondanks de couleur locale van het verhaal, wordt het drietal ook buiten Limburg vereerd. Oldenzaal heeft bijvoorbeeld een Plechelmusbasiliek en de naam van Wiro wordt zelfs tot in Friesland teruggevonden, zoals in de Sint Wirokerk in Oosterwierum. Wie een groot gebied had gekerstend, moest er natuurlijk niet op rekenen om na de dood gezapig op één plaats te rusten.

Zo besluit bisschop Hungerus van Utrecht in de negende eeuw dat de kostbare relieken van het drietal naar het noorden moeten worden gehaald en daar blijft het niet bij. Nog geen honderd jaar later schenkt zijn opvolger, bisschop Baldericus, het lichaam van Plechelmus aan de kerk in Oldenzaal. Deze kerk was vermoedelijk door Plechelmus zelf gesticht en zo kwam het grootste deel van zijn stoffelijke resten in Twente terecht.

Ook Sint Otgerus is geen onbekende gebleven, al is hij van het heilige drietal het minst bekend. Hij wordt in Groningen vereerd in de Sint Martinuskerk, terwijl hij in Duitsland te boek staat als stichter van de stad Stadtlohn in Noordrijn-Westfalen.

Opgravingen

Hoewel veel heiligenlevens op folklore zijn gebaseerd, zit er toch een opvallend staartje aan het verhaal. In 1949-1950 zijn er opgravingen gedaan op de heuvel van Sint Odiliënberg. Onder de basiliek is het fundament gevonden van een klein stenen kerkje uit de negende eeuw dat in de tiende eeuw is uitgebreid met een veelhoekig koor. In dit koor – dat binnen de huidige basiliek ligt – is een oud reliekengraf gevonden. Hier hebben waarschijnlijk de stoffelijke resten van de drie kameraden gelegen.

Wie tegenwoordig een blik onder het altaar van de basiliek werpt, ziet daar een fraai goudkleurig kistje staan waarop het heilige drietal in gesprek is met de paus in Rome. Het kistje bevat enkele kleinere relieken, die na eeuwenlange omzwervingen uiteindelijk weer zijn teruggebracht naar Sint Odiliënberg.

heiligen Limburg
Reliekenschrijn in Sint Odiliënberg (foto: Annemarie Latour)

Amusant oud lied

Ten slotte is er nog een oud lied te vinden dat lang geleden, op 8 mei tijdens de Metten, in Sint Odiliënberg werd gezongen. De dramatiek van het epistel is te leuk om achterwege te laten, waarmee het verhaal over Wiro, Plechelmus en Otgerus een mooie finale krijgt.

De Bisschop Wiro, om zijn godsvrucht wijd vermaard,
Plechelmus, die in eer en deugd hem evenaart,
En Otgers vast geloof ontlokken ’t heilig lied
          Dat aan de dankbre borst ontschiet.

Dit drietal, door Gods gunst met éénen geest bedeeld,
Al heeft niet ééne plaats der Britten hen geteeld,
Versmaadt het aardsch genot, dat andren smachten doet,
          Om te erven ’s hemels overvloed.

Met bisschopskeus bedreigd in Schotland trots hun beê,
Ontvluchten de eersten saam naar Petrus’ heiige steê,

Maar buigen daar het hoofd, op ’s Pausen last bereid,
          Voor de opgedragen waardigheid.

Dan ’t levenbrengend kruis omklemmend, gaan zij voort,
Van Otger vergezeld, door Gallië, naar ’t oord
Waar vorst Pepijn regeert, en ’t kruis, door hen geplant,
          Straalt over ’t heidensch Gelderland.

Als drie olijven, zwaar met heerlijk ooft belaân,
Als roos en lelie, die op ’t zelfde bloembed staan,
Zoo spreiden zij voor ’t volk, dat woont op Gelders grond,
          Den zoeten geur der deugd in ’t rond.

Dies eere en lof aan Gods drieëene Majesteit,
Den Vader, Zoon en Geest in eindlooze eeuwigheid,
En zijn Apostlen zij voortdurend dank betoond
          Door ’t volk, dat langs den Roerboord woont.

Amen.

© Annemarie Latour

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.